Over deze blog

Een blog krijgt telkens het recentste bericht bovenaan. Als je dus van het begin af aan wil lezen moet je met het onderste bericht op pagina 1 beginnen. Er staan in deze blog telkens tien berichten per pagina.

vrijdag 18 april 2014

Een bewogen week

Ik ben in gebreke gebleven in mijn vorige post. Was begonnen met te zeggen dat alles door elkaar lijkt te lopen deze week. Maar ik heb nog niks verteld over deze week. Ze begint op zondag, wat wel eens meer gebeurt, niet? Of is het eigenlijk zaterdag, want dit keer hoort die dag er misschien ook bij. In ieder geval, zaterdag is de dag waarop we samen met de Cambodjaanse gemeenschap in België en Noord-Frankrijk hun Nieuwjaar vieren. Te beginnen met een Boeddhistische ceremonie en te eindigen met een oosters feestmaal. Chay is de centrale gastheer en we worden even ondergedompeld in het Boeddhisme, dat o zo veel parallellen heeft met onze Christelijke godsdienst.
Zondag komt kleine zieke Louise even op bezoek en maandag gaat rustig voorbij. 's Avonds is er wel een probleem in mijn buik en ik sla de maaltijd over. Dinsdagmorgen is het probleem alleen maar vervelender geworden. Ik heb weinig geslapen, want heb tot driemaal toe van pyjama moeten wisselen wegens kleddernat van het zweet. Maar zonder merkbare koorts. In de voormiddag gaan we nog naar het stadhuis om onze reispas aan te vragen, Chay heeft zaterdag immers gezegd dat het driehonderd procent zeker is dat we begin van de zomer naar Cambodja gaan. Maar o wee, wat een miserie om mezelf recht te houden met een buikpijn die maar blijft aanzwellen. Mieke mag het stuur hebben en, eens thuis, kruip ik sito presto in een warm bad. Dat heeft me al dikwijls verlichting gebracht en ook nu. Ik val zowaar in slaap in het bad...
In de namiddag komt de koorts. Tot 39°C. Ik zou moeten bellen naar de dokter, maar vertik het. Want anders breng ik de Paasdagen, net als de kerstdagen, door in het ziekenhuis. De koorts neemt af tot net onder de alarmgrens en tegen woensdag is alles weer normaal. We kunnen dus naar Zevenkerken, zo hadden we afgesproken: van woensdag tot vrijdag na de Goede Vrijdagdienst. Even de tijd nemen om één en ander op een rijtje te zetten.
Woensdagmiddag lijkt mijn maagprobleem niet helemaal van de baan. Ma zou veertig jaar geleden gezegd hebben dat mijn ogen groter zijn dan mijn buik. Knap vervelend, zo in de refter van de abdij, waar we eten in stilte en iedereen dus tijd heeft om mijn 'zonde' (gij zult niet verkwisten, als dat al bestaat) in het volle licht te aanschouwen. Zeg nu zelf: vol-au-vent met frietjes. Gelukkig zit Mieke naast mij en kunnen we heimelijk wisselen van bord, nadat zij alles voorbeeldig naar binnen heeft gewerkt en nog wel wat aankan.
Soit, dit is bijzaak. Wat meer telt, is dat ze me er in de vooravond op wijst dat ik wel geel zie. En dat wordt gestaafd door het vloeibare geelconcentraat dat ik onder ogen krijg bij een toiletbezoek vijf minuten nadien. Het is weer van dattum dus. Niet panikeren, "Ici, il n'y a pas de problèmes. Il n'y a que des solutions!"
We laten de avond voorbijgaan. Ik herneem het boek van Bieke Vandekerckhove en raak er meer en meer van overtuigd dat zij iets heeft gevonden dat ik ook wil zoeken. Ze spreekt over de diepte van psalmen en de leegte die je kan vullen. Een citaat: 'De ontmoeting met de westerse contemplatieve traditie heeft in mij iets ontgrendeld en opengemaakt. Het vuur kon/kan branden. Ik kon weer ademen. Ik kan mijn leven niet uithouden zonder die opening op een ongrijpbare overkant. Maar open wil zeggen open. Ze moet leeg blijven, maar wel open... (...) Hoe het werkt weet ik niet. Belangrijk is, denk ik: je met een weg verbinden en gaan.'  Enkele bladzijden verder schrijft ze over een boek van een monnik, waarin zaken duidelijk beginnen te worden. Nog twee bladzijden verder blijkt de monnik André Louf te heten en zijn boek 'Inspelen op genade'. Onze kamer ligt schuin tegenover de gastenbibliotheek van de abdij en om een ongekende reden was dat boek mij in het oog gesprongen. Waar zou ik elders nog de kans krijgen om het boek in handen te krijgen?
Ik moet dus vlug beginnen lezen, want morgen moeten we al in de voormiddag naar huis. Tegen de middag moet ik mij melden in het ziekenhuis voor nog maar eens een stentwisseling... Maar niet zonder nog mee te geven dat, toen we deze middag van hier uit een wandeling maakten tot bij Heidi in Sint-Michiels, we plots, zonder voorafgaande waarschuwing, op een bewegwijzerd pad liepen. Naar Compostella...
De abdijkerk van Zevenkerken

Eventjes opnieuw op weg ... onverwacht. Maar op die manier dubbel welkom?

Bij de ingang van de stilte-kapel in de abdij: dit ene woord.

donderdag 17 april 2014

Zevenkerken

Alles lijkt door elkaar te lopen deze laatste week. Maar het begint eigenlijk een half jaar geleden: toen ik in Burgos een telefoontje kreeg van broer Renaat (verkeerd verbonden, hij moest zoonlief Pieter hebben), overtuigde hij me om niet tot het uiterste te willen gaan met de queeste. "Het doel van de tocht is de weg, niet de bestemming..." weet je nog wel? Wel toen opperde hij het idee om later eens -als een soort afsluiter- een paar dagen in Taizé of in de abdij van Zevenkerken te verblijven (hij heeft daar in vroegere tijden nog les gegeven in de abdijschool). Dat eerste deden we, maar de omstandigheden waren allerminst ideaal. Dat tweede ... wel: hier zijn we, in de Sint-Andriesabdij van Zevenkerken. Om alles eens te laten bezinken en tegelijk de dagen voor Pasen op een wat intensere manier te beleven.
Alles leek in deze richting te wijzen. Reeds in januari, toen nicht Lieve een bezoekje kwam brengen met tante Monique en haar man Lieven. Hij duwde me een boekje in de handen vooraleer ze vertrokken "om eens te lezen als 't past". Het boekje draagt de titel 'De smaak van de stilte' en is geschreven door ene Bieke Vandekerckhove. Zij kreeg op haar negentiende te horen dat de ziekte A.L.S. de rest van haar leven zou bepalen en uiteindelijk haar dood zou worden. Stel je voor NEGENTIEN jaar oud! Tegen de prognose in stabiliseert haar ziekte na enkele jaren. Ze blijft zoeken en vindt een weg. Een weg met twee kanten, ze noemt het in haar boek 'twee oren om te luisteren naar de stilte': de Benedictijnse spiritualiteit en het Zenboeddhisme. De Benedictijnse spiritualiteit vindt ze onder andere in de abdij van Zevenkerken. Verder ben ik niet geraakt tot nu toe. Alles was zo dichtbij en toch ook niet.
Een aantal weken geleden kreeg ik plots een mail van Chay, mijn Cambodjaanse vriend met de vraag om aanwezig te zijn op een vergadering met vertegenwoordigers van nog een tweetal andere scholen die ook een link met Cambodja hebben: de Heilige Familie in Ieper en ... de abdijschool van Zevenkerken. Op die vergadering zat ik naast Vader Abt van Zevenkerken. Ik had toen bijna het gevoel dat er sturing zit achter al deze toevalligheden. Ik sprak hem na afloop dan ook aan en vroeg of er mogelijkheid was om hier met Mieke enkele dagen door te brengen. Hij trok me mee naar een ander lokaal en legde uit wat we moesten doen daarvoor. En hier zijn we nu dus. Op zoek naar een sleutel. Een weg. Een opening... en dit is maar het begin van mijn verhaal. Maar toch het einde voor deze Witte Donderdag.

vrijdag 11 april 2014

Jour de gloire

Het lijkt allemaal een beetje onwezenlijk: je krijgt het zot in de kop en besluit om het er eens goed van te nemen. Je gaat op vakantie. Niet zomaar eventjes een tweetal weken naar de zon, neen hoor, je gaat voor de volle drie maand van huis. Je komt er tot rust, tot jezelf en tot God. Kortom: de vakantie doet alles met je wat je van een vakantie mag verwachten: het roer is omgegooid, je kan de dingen weer in perspectief zien, je voelt je een beter mens en je kan er weer helemaal tegenaan. Wel: dit hebben Mieke en ik mogen meemaken. Schitterend toch?
Maar o wee: je komt thuis en je wordt zowaar een bijna-held. Mensen feliciteren je, plaatsen je zowat op een voetstuk. Je wordt gevraagd om een vertelavond te brengen, om je verhaal neer te schrijven. Je komt zelfs met een paginagroot artikel in de krant. En dat heb je enkel en alleen te danken omdat je op vakantie bent geweest. Omdat je je enkele maanden uit de productie-, consumptie- en winstzieke maatschappij hebt terug getrokken. Is dat geen teken aan de wand? Een teken dat iedereen wel een stuk verlangt om zich ook eens buiten de lijntjes van het 'normale' te begeven, maar niet goed durft? En is het misschien dat tikkeltje meer durf dat op zo'n exuberante schaal in de kijker wordt gezet? Ik denk het haast...
Het is een bedenking die ik me maak na deze 'jour de gloire' dat Mieke en ikzelf hadden, toen we eergisteren over ons avontuur mochten vertellen voor al wie het wilde horen. De dag voordien was iemand van Het Nieuwsblad langs geweest voor een interview over ons wedervaren van het laatste anderhalf jaar. Beide evenementen zetten ons voor een dagje in het licht van de lokale schijnwerpers. Het laat een mens niet onberoerd, dat wil ik graag toegeven. Maar dat een wandelvakantie van drie maanden een soort heldendaad is, dat ligt wat moeilijker. Akkoord: er is eveneens het kankerverhaal dat het geheel doorkruist en er tegelijk parallel mee loopt. Maar ook hier geldt eigenlijk hetzelfde: het geluk is aan mijn zijde, want mede door de ziekte had ik een zee van tijd om alles goed voor te bereiden. En de eerste chemokuur heeft de bobbel een dermate stevige tik verkocht, dat hij amper in de weg zat voor de wandeling. Hij kon enkel naar het einde toe weer een vuist maken, maar toen waren we het punt van tevredenheid over onze tocht -wat zeg ik, Van zegegevoel!- al lang voorbij.
Dus weerom: dank je wel iedereen voor de erkenning, voor het gedeelde enthousiasme, voor de harten onder de riem en niet in het minst voor de aanwezigheid woensdagavond en de financiële steun voor het Cambodjaproject die we achteraf in de collectedoos mochten vinden: ruim vierhonderd euro!
In de krant ... toch met een korreltje zout te nemen

donderdag 3 april 2014

Verder boeren

Het was de bedoeling om tijdens de lange uren in de witte kamer van het ziekenhuis een blogbericht op te stellen. Maar er is er mij ééntje te vlug af geweest. Haar boodschap bevat echter grotendeels deze die ikzelf de wereld wou in sturen: we zijn nog maar eens grootouders geworden en - daar onmiddellijk mee in verband te brengen - 't leven is mooi. Ook van achter de ramen van de ziekenhuiskamer. En ook als je de slaap niet kan vatten, zoals nu het geval is. Enkele dagen al, trouwens. Maar als dat de prijs ik die ik moet betalen om verder weinig ongemakken te ondervinden van de chemo, dat betaal ik die heel graag.
Vorige cyclus was er een kleine week buikpijn, nu is er voorlopig nog niks, behalve de wakkere uurtjes tijdens de nacht. En de onvermijdelijke terugval van mijn bloedlichaampjes, maar daar voel ik niks van. Intussen boeren we verder. Letterlijk en figuurlijk. Het letterlijke gedeelte situeert zich uiteraard in de moestuin, die er -al zeg ik het zelf- schitterend bij ligt. Helemaal omgespit, gefreesd (met dank aan broer Pol), compost ingewerkt en effen gelegd. Helemaal klaar om een lading groentezaden te injecteren en er later de vruchten van te plukken.
Het figuurlijke situeert zich dan in de rest: de bouwplannen die stilaan concrete uitwerking krijgen (man, wat een verschil met 25 jaar geleden, toen we ook aan het bouwen waren!). En verder natuurlijk de Cambodja-gerelateerde activiteiten. Ik blijf me verwonderen over wie zich allemaal aan het treintje vast haakt om te helpen trekken. Het doet zo'n deugd. Gisteren hebben we het er met de specialist eens over gehad. Of hij dat wel ziet zitten dat we voor enkele weken naar ginder gaan. Verschieten deed hij niet echt, gezien het exploot van vorig jaar, maar toch wel eens in het haar scharten. "Niet al mijn patiënten zijn zo ondernemend" leek hij wel te willen zeggen. Maar goed: echte problemen ziet hij niet onmiddellijk. Hij zou wel de stent voordien nog preventief vervangen (blijft slechts drie tot negen maand goed en tegen dan zijn we al zes maanden ver) en we zouden toch ook een ziekenhuis moeten vinden dat wat 'op de hoogte' is.
Tenslotte moeten we ons nog wat voorbereiden op de avond van 9 april. Dan is er een reis-vertel-avond gepland in Aalbeke over onze tocht van verleden jaar. Georganiseerd door zowat alle verenigingen en met dus wellicht een pak aanwezigen. Wie wil, komt gerust af: het is gratis en je moet niet inschrijven. Afspraak om 19.30 in het OC van Aalbeke. Ik moet er wel bij vermelden dat alle bloglezers wellicht enkele déjà-vu-momenten mogen verwachten....
't Is maar dat je 't weet

woensdag 2 april 2014

't Leven is mooi

Een tijdje terug vroeg  iemand mij hoe we het doen om, desondanks Pieters bobbel en mijn werkloos zijn, toch positief te blijven en altijd (allez toch veel) content rond te lopen. Ik was toen een beetje overrompeld door die vraag. Later bleek dat die persoon ook te horen had gekregen dat één of andere ongeneeslijke ziekte zijn deel was geworden. Die vraag bleef in elk geval hangen. Hoe doen wij dat? Een schijnbaar simpele vraag met een schijnbaar eenvoudig antwoord: blijf kijken naar de mooie dingen van het leven. Die gouden regel in de praktijk brengen is echter een ander paar mouwen.
In het begin vallen vele activiteiten stil, toekomstplannen worden opgeborgen. Je concentreert  je op de dagelijkse activiteiten en op de taken (chemo, verzorging, dieet…) die de nieuwe situatie met zich meebrengt.  Maar stilaan komt het verlangen naar boven om weer wat verder te kijken. Nieuwe plannen (een weekend met de kinderen, onze Compostella trip…) durven maken vraagt moed en vertrouwen. Steun van familie en vrienden is hier zeer welkom. Het leven gaat door … voor ons ook, en dus worden feesten, uitstapjes, … gepland.
Door actief bezig te blijven verschuift het hele kankerverhaal naar de achtergrond. Op die manier kunnen we van het leven blijven genieten.
Op 20 maart zijn de werken begonnen voor de bouw van een kleine woning naast ons huis. Dochter Saskia en schoonzoon Christof (mama en papa van Cas) komen in het grote huis wonen en wij gaan in de kleine zorgwoning wonen. Veel vroeger dan verwacht (was gepland voor binnen een jaar of 10) gezien de gezondheidstoestand van Pieter. Toch proberen we ook hier vooral de positieve kanten van het verhaal te zien.
Het mooie weer brengt nieuwe energie en dus is Pieter volop bezig de groentetuin aan te leggen. Spitten, planten, zaaien ... ajuinen, tomaten, patatjes, sla, radijs, peterselie, kolen.... . Het compenseert een beetje het gemis van zijn job. Lesgeven is niet mogelijk als je chemo krijgt maar dat betekent niet dat je geen ander werk kan doen.  Alles op een rustiger tempo weliswaar en op tijd een dutje. Het helpt de moraal hoog te houden.
De zorgeloosheid van Louise, de geboorte van onze kleinzonen Cas en Arne … het is onvoorstelbaar hoe die kleine pagadders het leven kunnen opfleuren en zin geven. Arne, broertje van Louise en neefje van Cas is vorige week maandag geboren. Het leven gaat door... en wij zijn fiere, diepgelukkige grootouders.

Blijven investeren in de toekomst, het positieve in elke situatie trachten te vinden (…” ici Il n’y a pas de problèmes,  il n’y a que des solutions!” … weet je nog wel), bewust omgaan met de beperkingen, openstaan voor het onverwachte, durven een andere weg te gaan, vertrouwen… maar vooral blijven geloven dat alles goed komt. (op welke manier dan ook!)
Drie meters op een rij (Jolien/Arne - Mieke/Cas - Saskia/Louise)         ....        en een opa om de rij af te sluiten

zondag 23 maart 2014

Werken

Ik had vorige week woensdag of ten laatste donderdag een berichtje moeten schrijven en posten met een opgewekt verslagje van de sponsortocht. Het was een fantastische dag, wel lastig, maar een topper in vergelijking met de normale dagen die de ziekenhuisverblijven met elkaar verbinden. Een dag tussen leerlingen en collega's wandelen, foto's nemen, iedereen die zwaait naar je en lacht, met als kers op de taart een prachtige vroeg-lentedag.Een dag die vele mindere dagen kan goedmaken. Wel fysisch vermoeiend, maar wie maalt daar nu om?
Top-sfeer op de solidariteitstocht ... aangevuld met een paar Compostella-pelgrims
Het vroege lenteweer betekent voor mij ook altijd een niet te weerstane drang om 'iets' in de tuin te doen. De natte winter is voorbij en de twee weken zonder regen hebben gezorgd dat de tuin 'spitbaar' is. Ikke dus donderdag vol enthousiasme aardkluiten beginnen omdraaien. Strak schema, strak tempo en ... stramme spieren. Ook de buikspieren. En zijn het nu die, is het gewoon de omslag van relatieve rust naar vrij intense fysische arbeid of is het nog wat anders, maar vanaf vrijdag begint één en ander verkeerd aan te voelen in de buik. Eerst geen acht op geslagen, maar dag na dag wordt het wat vervelender. Tot het verschijnsel als 'pijn' betiteld mag worden en tegen woensdag als serieuze pijn.
Donderdag (20 maart) zou men beginnen met de werken voor onze zorgwoning. Ik ga ervan uit dat ik de opstart van de werken niet zal kunnen meemaken of toch enkel vanuit het ziekenhuis. Ook de geboorte van mijn tweede kleinzoon zou ik -net als van mijn eerste- wellicht vanuit het ziekenhuis moeten meemaken. Zo zie ik de dingen op woensdagavond.
Maar de nacht kan het verschil maken. Donderdag sta ik om zeven uur op alsof er niks aan de hand is. De aannemer meldt zich om zeven uur kwart en ik vlieg er direct in. De pijn is zo goed als verdwenen, de bijna-koorts is volledig verdwenen en de doemdenkerij is een vage herinnering. Een riooldeksel vrijgraven, met Mieke een deel van het plankier ontmantelen, besprekingen met architect en aannemer, telenet verwittigen dat een kabel gesneuveld is, ... het eist 's avonds zijn tol, maar voorlopig is dat enkel een grote vlaag van vermoeidheid.
De verwoeste gewesten ...
Intussen is de tuin volledig omgespit, zijn er vele tientallen kruiwagen compost ingewerkt (met dank aan Jolien en aan Christof), staan er reeds ajuinen, sjalotten en erwten, staat de serre halfvol met radijsjes, sla, worteltjes, spinazie, prei- en tomatenplantjes. De zijtuin is een werf waar de combinatie van graafwerken, klei en regen doen denken aan de Ijzervlakte een kleine honderd jaar geleden en we reppen ons van hot naar her voor kiezen van vloeren, sanitaire toestellen, keuken, ramen en deuren. Bobbel krijgt geen aandacht meer. Eist die soms wel nog op, maar ook dan probeer ik hem zoveel als mogelijk te negeren.
En Cambodja? Wel: dankzij vele kleine en enkele fikse solidariteitsbijdragen gaat de teller richting €3000. Erg verdienstelijk vind ik dat en wij zijn de mensen die daar een aandeel in hebben uitermate dankbaar. In naam van Chay en de medewerkers van de vzw Banteay Mean Chey, maar vooral in naam van de vele jongens en meisjes die dankzij jullie een betere toekomst kunnen krijgen!


vrijdag 7 maart 2014

Stappen voor Cambodja

Ik moet een record gebroken hebben . Een diepterecord weliswaar, maar toch een record; Het is vandaag immers precies drie weken geleden dat er nog een bericht kwam op deze blog. Als je van het paniekerige type bent, dan zou het misschien kunnen dat er doemscenario's opduiken in je hersenspinsels. Niets van dat alles echter zou terecht zijn: hier geldt het principe 'geen nieuws is goed nieuws'. Heel goed zelfs, want de laatste drie weken ben ik als een vlinder door het leven gevlogen: dartel en fris. Geen zere hoofden (behalve dan die kopstoot tegen het openstaande kofferdeksel van de auto), geen zere buiken (met uitzondering van die avond 'plaagske', die ik deels zittende op de wc-bril en deels rondwandelend in de buurt ben doorgekomen), geen eetstoornissen (voornoemde avond niet meegerekend) en geen andere bobbel-gerelateerde ongemakken (de nu dagelijkse spuitjes, de misselijkmakende verteringsdrankjes en de ochtendlijke limoen- en selfmade groentenbouillondrankjes eventjes terzijde gelaten).
Het is ook niet de bedoeling van deze blog om saai te worden met een wekelijks terugkomend gezondheidsbulletin waarin niks anders staat dan dat alles OK met me is, of dat ik mijn ganse leven met alle opens en toe's uit de doeken doe. Wat ik in dit verband wel kwijt kan, is dat we enkele dagen op bezoek waren bij Chay en daar nader kennis gemaakt hebben met zijn project en met Jozef. Jozef is een ex-prof van Chay, die nu op pensioen is en de taak van Kabinetschef van de Consul-Generaal op zich genomen heeft. Geheel op vrijwillige basis overigens. Hij is ook een drijvende kracht achter het project, samen met Chay's vrouw Marijke en nog enkele mensen.
In dat verband -of toch een beetje in dat verband- moet ik nog even kwijt dat er gisteren een reportage over weeshuizen was in Terzake. Weeshuizen, die eigenlijk dienen als lucratieve dekmantel van gewiekste Cambodjanen om zoveel mogelijk geld uit de zakken van toeristen los te weken door kinderen (niet noodzakelijk weeskinderen) in te zetten, die getraind zijn om zielig en aanhankelijk te lijken, op het gemoed van de toeristen te werken om op die manier zoveel mogelijk geld van hen te krijgen. Best te begrijpen dat mensen, die dat gezien hebben, serieuze vragen stellen omtrent steun aan Cambodja. Maar ook heel makkelijk om te ontkrachten, want zulke weeshuizen zijn een fenomeen van de laatste twee jaar, terwijl het project van Chay als zovele jaren (decennia) loopt. Bovendien gaat het hier niet over weeshuizen, maar over scholen en deze scholen zijn gelokaliseerd in een regio waar omzeggens geen toeristen komen (in het noordwesten van Cambodja).
Volgende week is er op school de solidariteitstocht, het 'core-vent' van de solidariteitsactie op school. Ik ben nog steeds van plan om daar te proberen in mee te stappen. En natuurlijk om me te laten sponsoren. Dus: al wie dit leest en dit wil: steun mij. Alstublieft. Twintig cent is OK, twintig euro ook. En alles wat daartussen ligt ook. Voor één keer vraag ik dit. Dan nooit meer. Niet om mijn ziekte aan te pakken, want daarvoor zouden miljoenen euro's nodig zijn en dat zou dan hoogstwaarschijnlijk toch te laat zijn. Maar om honderden kinderen in die uithoek van Cambodja een kans te geven verder te raken in het leven. Verder dan hun ouders of grootouders, die het land ten onder hebben zien gaan aan de terreur van de Rode Khmer. Ik stel die vraag hier ook een beetje om aan onze leerlingen een soort 'voorbeeld' te geven, want uiteindelijk zijn zij het die het gros van de financiële steun zullen inbrengen. Hen steunen is dus al even goed voor het project als mij steunen! Waarvoor dank. Veel dank.
Overigens: al een pak mensen zijn ingegaan op de vraag van 2 februari. Toen gaf ik op deze blog het rekeningnummer van het project. Intussen is daar al voor een bedrag van 1500 euro op gestort. Als dat niet mooi is. Weeral dank dus, aan allen die hun hart hebben laten spreken.
Voor de komende dagen (volgende maandag), staat alweer een driedaagse in het ziekenhuis op het programma. Een driedaagse tijdens dewelke ik een poging doe om op woensdagvoormiddag te ontsnappen om aan de solidariteitstocht deel te nemen (met goedkeuring van de dokter weliswaar). Vorig jaar was ik op dat moment ook in het ziekenhuis... de geschiedenis probeert zich te herhalen, maar daar stap ik niet in mee!

vrijdag 14 februari 2014

In a hurry

Ik kom er maar niet toe om dit bericht te plaatsen, maar nu moet het toch maar even zonder dat er veel tijd beschikbaar is. Immers, ik wek een pak medelijden op, mensen zijn bezorgd, bidden, laten misschien van slapen en ik laat hen in het ongewisse.
De plaatsing van de stent blijkt dé oplossing bij uitstek geweest te zijn om de pijn te laten verdwijnen. Sedert dinsdagavond kan ik dus weer zonder problemen eten: de pijn keert niet terug! Als dat geen nieuws is om vrolijk van te worden ... voor mezelf in de eerste plaats. Dat hebben we gisteren dan ook uitvoerig gevierd met een dagje Gent. Al dan niet verdiend, maar dat laat ik liever in het midden. Vandaag is volledig gewijd aan de dichterbij komende bouwplannen en daarmee is dit berichtje ook niet langer dan dit en de paar nog volgende regels: we hebben een afspraak met de keukenbouwer. En als we het niet helemaal willen bederven bij die man (we zijn de vorige afspraak gewoon stomweg vergeten...!), dan moeten we binnen de vijf minuten de deur uit.
Arrivederci!

maandag 10 februari 2014

Over pijn en een Chinese dropvoet

Ik loop me nu al een viertal dagen af te vragen hoe ik dit berichtje moet schrijven... De voorbije dagen zijn er immers geen om vrolijk van te worden. Ik kan ze samenvatten in één kort woordje: pijn. Moeilijk te omschrijven wat het met je doet. Het is begonnen vorige week dinsdag met pijn in de rug. Ik ben er intussen achter dat dit soort pijn niks te zien heeft met hernia, geblokkeerde of scheef zittende wervels, noch met verkrampte spieren. Het heeft te maken met mijn falend spijsverteringssysteem. Omdat ik grotendeels alles wat dierlijk is moet bannen uit mijn dieet, eet ik nogal wat bonen en andere peulvruchten omwille van de eiwitten. Met applaus van mijn Mexicaanse diëtiste, maar blijkbaar niet van mijn op de proef gestelde darmen. Als protest produceren die massa's gas (methaan?) en dat geeft volume, dat vervolgens overal tegen drukt. Pijn dus. Remedie: gas laten ontsnappen. Niet echt een sociaal gebeuren, maar 't is voor de goeie zaak!
Was het alleen maar dat... De nacht van dinsdag op woensdag is een hel. Ook mijn maag ligt danig overhoop. Niet kunnen slapen omwille van pijn is vreselijk. Vooral als je voelt dat rondlopen het minst pijnlijke is en neerliggen het pijnlijkste. De lichte opiaat-pilletjes die ik liggen heb helpen voor geen moer. De uren kruipen voorbij en tegen de morgen ebt de pijn weg. Ik slaap met enkele onderbrekingen tot drie uur in de namiddag. Dan is het ongeveer tijd om naar de hartspecialist te gaan. Dat doe ik ieder jaar omdat in 2011 hartritmestoornissen werden vastgesteld, maar het onderzoek wijst uit dat er van die kant geen problemen (meer) zijn. Woensdagnacht verloopt vrij goed, maar donderdag herbegint alles van voor af aan. Ik begin een patroon te herkennen: twee, drie uur na een maaltijd die op het randje af niet armtierig kan genoemd worden (in casu: twee boterhammen en een kommetje soep) begint de herrie in de maag. Dat duurt twee à drie uur, ebt dan weg en een uur of zo later begint het in de onderbuik: een band met een breedte van een kleine tien centimeter rondomrond en juist onder mijn navel verkrampt. Buik, rug en zijden: het doe allemaal zo'n zeer. Ik weet niet hoe te zitten, te staan of te liggen. Het overkomt me weeral 's nachts. Vrijdag is dus weer uitslapertjesdag, maar wel met een bezoek aan de diëtiste. Ik neem me vast voor om haar instructies meticuleus op te volgen. Het helpt tot op zekere hoogte. Ik heb nog een tweetal pijn-'cyclussen' te verwerken, maar minder heftig.
In de vooravond van vrijdag staat er weer een bezoekje aan het ziekenhuis op de rol. Dit keer naar de neuroloog voor mijn dropvoet. Dropvoet? Ik vind het een schitterend woord omdat het zo plastisch zegt wat het is. Komt in het kort hierop neer: door al dat vermageren (nu al zo'n 'dikke' 25 kilo) is het vet onder mijn huid weg. Daardoor kan ik veel makkelijker mijn benen over elkaar leggen, wat ik ook (te) veel doe. Hierdoor echter kan een zenuw aan de achter-buitenkant van de knie gekneld zitten en haar functie deels verliezen. Die functie is: de spieren activeren om je voet op te trekken (tenen naar boven). Meer moet ik niet zeggen, zeker? Op een dag sta ik op van tafel en kom pardoes op de vloer terecht: gevallen over mijn eigen voet. Die hangt naar beneden terwijl hij moet opgetrokken zijn om een stap te zetten... Dropvoet dus! Maar dit onderzoek valt ook mee. Meer dan de helft van de schade is al genezen en het gaat verder de goede kant op.
Wat niet de goede kant opgaat is mijn galsecretie. Het buisje (stent), waarvoor we begin augustus speciaal onze pelgrimstocht onderbroken hebben, is verstopt. Dat is te zien aan de kleur van mijn water en intussen ook aan te kleur van mijn ogen en mijn huid. Die ziet er hoe langer hoe chineser uit. Zou dat ook een oorzaak kunnen zijn van de vele pijn die ik de laatste week heb moeten doorstaan? In elk geval: wanneer ik deze morgen in het ziekenhuis aankom voor de chemo, vraag ik om eerst even de dokter te kunnen zien. Binnen de vijf minuten staat hij in de kamer en ziet meteen wat het probleem is. Chemo moet wachten: eerst een maagonderzoek om de oorzaak van de pijn eventueel te vinden en morgen terug om de stent te vervangen. Volgende week dan een nieuwe poging voor de chemo. Ik zit nu dus thuis. Onze agenda ligt compleet overhoop, want door die verschuiving van een week kunnen een pak zaken niet doorgaan zoals gepland. Maar goed: gezondheid komt op de eerste plaats en ik ken geen mens die daar geen begrip voor opbrengt!

zondag 2 februari 2014

Met z'n allen voor Banteay Mean Chey

Op donderdag 23 januari krijg ik een telefoontje van Chay. Hij heeft bezoek uit Cambodja: de vice minister van onderwijs, jeugd en sport. Het bezoek was gepland voor een andere datum, maar is omwille van interne keuken langs ginder verplaatst. Chay vraagt of het mogelijk is om een bezoek te brengen aan de school, samen met zijn hoog bezoek. De vrijdag (de dag erop dus) of de maandag zou goed uitkomen, want op dinsdag vertrekt hij weeral. Ikke vlug wat overleg met school en op vrijdagnamiddag zitten we samen in het bureau van de directeur om wat te keuvelen over het belang van onderwijs is een samenleving en om er een 'Memorandum of Understanding' te ondertekenen waarin bepaald wordt dat het Don Boscocollege en het Ministerie van onderwijs in Cambodja geprivilegieerde partners zijn en dat ze ernaar zullen streven om contacten te onderhouden en culturele uitwisseling te promoten.
Even poseren bij het ondertekenen van het Memorandum of Understanding: Chay staat naast mij, Minister Touch Visalsok zit voor Chay. Vooraan zit ook directeur Tuur Ottevaere van het Don Boscocollege.
Waarom ik dit allemaal vertel? Moet er zo nodig, naast Compostella en bobbel nog een derde verhaallijn in deze blog? Waar gaat dit naartoe?
Het is al een hele poos dat een aantal mensen me vragen of ze iets kunnen doen in verband met mijn ziekte. Of ze eventueel een onderzoeksprogramma kunnen steunen die met de ziekte te maken heeft. Tot nu toe heb ik altijd negatief moeten antwoorden op zo'n vragen. Er is helemaal geen gericht onderzoek, het aantal gevallen is zo klein dat dit niet mogelijk is. Tenminste als je mijn specifiek geval bekijkt: neuro-endocrien carcinoom van de pancreas (ook NET3 van de pancreas genoemd). De 'ruime' groep is NET (neuro-endocriene tumoren) en daarvoor hebben ze in Nederland dat fonds gestart. Opbrengst na zes maanden: zo'n 35.000 euro. Ze hebben er een kleine honderdduizend nodig om het onderzoek alleen nog maar in gang te kunnen zetten maar ze zijn hoopvol. Ik heb sterk het gevoel dat het een beetje een maat voor niks is als er geen universiteit of overheidsinstantie positief wil meewerken.
Ik vraag me dan ook af of al dat geld niet voor een veel beter doel gebruikt kan worden... Zo kom ik naadloos bij het project van Chay. Immers: met datzelfde geld kan hij een school oprichten; Dat betekent dat jaarlijks een paar honderd kinderen op een betere toekomst kunnen rekenen. We hebben er de mond van vol dat ons land overvol raakt door de instroom van economische vluchtelingen... terwijl het zo voor de hand ligt dat de mensen veel liever in hun eigen land zouden blijven ... als ze er maar een toekomst zouden hebben. In de weken voor onze tocht naar Compostella speelden we al met de gedachte om die pelgrimage te laten sponsoren te voordele van het project van Chay, maar dat was toen te kortbij (zie ook blogbericht van 19 juni)
We naderen de vastentijd ... inkeer en bezinning ... wat uitsparen ten voordele van de armen ... een centje voor wie het minder breed hebben .... Broederlijk Delen en zo. Wij trekken  volledig de kaart van het project van Chay en vragen aan alle mensen die dat willen om daarin te helpen. Het kan op twee manieren: ofwel stort je een bedrag op het rekening nummer van vzw Banteay Mean Chey IBAN BE49 2850 4250 9671 (fiscaal aftrekbaar vanaf €40) met vermelding 'project Pieter-Mieke'. Ofwel 'sponsor' je onze solidariteitswandeling met de school op 12 maart voor een door jezelf te bepalen bedrag. Ook de school staat weer een deel van de opbrengst van haar solidariteitsactie af aan het project. Enig probleem voor mij: op 12 maart ben ik geacht in het ziekenhuis te liggen ... Wedden dat daar een mouw aan te passen valt?